De Tweede Kamer heeft een voorgenomen lastenverzwaring in box 3 teruggedraaid. Daarmee blijven twee geplande maatregelen uit het Belastingplan voor 2026 achterwege. Voor veel particuliere spaarders en beleggers – waaronder particuliere vastgoedbeleggers – betekent dit dat een extra stijging van de belastingdruk voorlopig is voorkomen.
In de plannen voor 2026 stonden twee wijzigingen die box 3-bezitters direct zouden raken:
1. Het hoge forfaitaire rendement voor ‘overige bezittingen’ zou stijgen van 5,88% in 2025 naar 7,78% in 2026.
2. Het heffingsvrije vermogen zou dalen van €57.684 naar €51.396.
Voor veel beleggers voelt box 3 juist gevoelig, omdat de heffing is gebaseerd op een forfaitair (fictief) rendement in plaats van het daadwerkelijke rendement. Zeker bij vastgoed kunnen onderhoudskosten, financieringslasten, verduurzaming en leegstand ervoor zorgen dat het werkelijke rendement aanzienlijk lager ligt dan het forfait.
De Tweede Kamer heeft via een amendement besloten beide maatregelen te schrappen:
– De verhoging van het forfaitaire rendement naar 7,78% gaat niet door.
– Ook de verlaging van het heffingsvrije vermogen is geschrapt.
In de toelichting wordt aangegeven dat het forfaitaire rendement voor ‘overige bezittingen’ hierdoor in 2026 rond 6% uitkomt in plaats van 7,78%.
Voor particuliere vastgoedbeleggers betekent dit besluit in de kern: minder fiscale druk dan vooraf aangekondigd. Dat is relevant, omdat een hoger forfaitair rendement direct doorwerkt in de box 3-heffing, ook wanneer de exploitatieresultaten in de praktijk achterblijven.
Zoals vaker geldt bij fiscale wijzigingen: wanneer een maatregel wordt geschrapt, is compensatie elders nodig. In berichtgeving wordt genoemd dat een deel van de dekking wordt gevonden in een snellere afbouw van de Hillen-regeling, die vooral effect heeft voor eigenwoningbezitters met weinig of geen hypotheekschuld.
Voor beleggers die vooral met box 3 te maken hebben is het belangrijkste effect echter dat de extra verzwaring zoals aangekondigd voor 2026 niet doorgaat.
De Tweede Kamer heeft de voorgenomen box 3-verzwaring voor 2026 teruggedraaid. De verhoging van het forfaitaire rendement naar 7,78% gaat niet door en ook de verlaging van het heffingsvrije vermogen is geschrapt. Voor particuliere vastgoedbeleggers betekent dit een minder zware belastingdruk dan eerder was aangekondigd.